Kort geding tegen ABP

Hedenmorgen, 17 december 2018, diende het tweede door de bonden, verenigd onder de naam: actiebijdefensie, ingestelde kort geding. Was afgelopen maandag defensie nog de tegenpartij, vandaag was dat het ABP.

Voorafgaande aan de zitting van de rechter in kort geding was er een korte actie.
Drie vakbondsleden overhandigden voor de ingang van het gerechtsgebouw een petitie aan een delegatie van het ABP Bestuur, de dames Worttman (onafhankelijk voorzitter) en Meijer en de heer van Zijl (beiden plaatsvervangend voorzitter). Daarin werd het ABP-bestuur gevraagd om ook in 2019 een regeling met een eindloonkarakter uit te voeren. De toezegging dat het ABP dat zou gaan doen, kwam echter niet. Een behandeling in kort geding was onvermijdelijk.

In een zitting van meer dan 3 1/2 uur kregen partijen de mogelijkheid om hun standpunt mondeling toe te lichten. Met elk een pleidooi van ruim twintig A4-tjes kon dat echt niet sneller. Een goed ingelezen rechter stelde vervolgens nog enige vragen om de standpunten scherp te krijgen.

Al in het begin van de zitting maakte hij duidelijk dat ook hij op 21 december aanstaande uitspraak wil doen. Vanwege de door hem onderkende samenhang met de zaak die afgelopen maandag in Den Haag diende, neemt hij contact op met de Haagse rechter. Eerder vond hij niet netjes.

Het is nu aan de rechters in Den Haag en Amsterdam. Als gezamenlijke bonden hebben wij er vertrouwen in dat wij u op de 21e kunnen melden dat er positieve uitspraken zijn gedaan.

2 Shares